Advertisement

Gevaar op de snelweg: wat leren we van de achtervolging tussen Tilburg en Breda?

Een lange en gevaarlijke achtervolging tussen Tilburg en Breda eindigde dinsdagavond 14 januari met de aanhouding van drie personen. In de auto trof de politie softdrugs aan. Niemand raakte gewond. Het incident is illustratief voor een spanningsveld dat in Nederland blijft knellen: hoe verantwoorden we risicovolle politietactieken op de weg wanneer de verdenking relatief beperkt lijkt?

Risico’s op de weg zijn geen bijzaak

Achtervolgingen op hoge snelheid vergroten de kans op ernstige ongevallen, niet alleen voor verdachten en agenten, maar ook voor omstanders die geen deel uitmaken van het incident. In een dichtbevolkt en verkeersintensief gebied zoals tussen Tilburg en Breda kan één foute beslissing kettingreacties veroorzaken. Dat niemand gewond raakte, is een meevaller, geen maatstaf. Het uitgangspunt moet blijven: minimaliseer escalatie op de rijbaan.

Proportionaliteit en politietactiek

Het principe van proportionaliteit vereist een scherpe afweging: is de noodzaak om direct in te grijpen groter dan het risico dat het ingrijpen zelf creëert? Bij verdenking van softdrugs bezit of handel is dat niet vanzelfsprekend. Er bestaan alternatieven: tactische schaduwing, kenteken- en locatie-informatie, en latere aanhouding bij een stopplek met lage risico’s. Wanneer toch gekozen wordt voor een langdurige achtervolging, hoort dat ingebed in heldere protocollen en realtime supervisie.

Softdrugs in context

De vondst van softdrugs in de betrokken auto werpt een beleidsmatige vraag op: past de inzet van een gevaarlijke achtervolging bij de aard van de vermoedelijke overtreding? In een land waar het gedoogbeleid de verkoop onder strikte voorwaarden toestaat, maar de keten erbuiten strafbaar blijft, ontstaan grijze zones die de handhaving bemoeilijken. Dat is geen vrijbrief voor overtreders, wel een signaal om prioritering en interventiemethoden kritisch te herijken.

Transparantie en lerend vermogen

Om het vertrouwen van burgers te behouden, hoort de politie na dit soort incidenten publiekelijk te onderbouwen waarom specifieke keuzes zijn gemaakt: snelheidsniveaus, risico-inschattingen, en de momenten waarop is overwogen om af te schalen. Bodycam- en voertuigdata kunnen, binnen privacykaders, bijdragen aan onafhankelijke evaluaties. Een lerende organisatie documenteert niet alleen wat goed ging (snelle aanhoudingen, geen letsel), maar vooral waar het beter en veiliger kan.

De kern is eenvoudig: effectief optreden en verkeersveiligheid hoeven elkaar niet uit te sluiten, mits proportionaliteit en professionaliteit leidend zijn. De achtervolging tussen Tilburg en Breda eindigde zonder slachtoffers; dat zou de uitzondering moeten zijn die de norm scherp houdt. Het echte succes is niet de spectaculaire aanhouding, maar de stille rit die nooit uitloopt op onnodig gevaar.